Biografie
All art is at once surface and symbol.
Those who go beneath the surface do so at their peril.
Those who read the symbol do so at their peril.
It is the spectator, and not life, that art really mirrors.
Diversity of opinion about a work of art shows that the work is new, complex and vital.
When critics disagree the artist is in accord with himself.
Those who go beneath the surface do so at their peril.
Those who read the symbol do so at their peril.
It is the spectator, and not life, that art really mirrors.
Diversity of opinion about a work of art shows that the work is new, complex and vital.
When critics disagree the artist is in accord with himself.
– Oscar Wilde
Nadja heeft tien jaar panfluitlessen gevolgd bij Jos Aerts, in combinatie met masterclasses van Damian Luca en een studiereis naar Roemenie met Claire Smoorenburg. Omdat een voltijd studie op de panfluit in 2001 nog niet mogelijk was, is ze - ook dankzij liefde voor de taal - Engelse Taal- en Letterkunde gaan studeren aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Hier heeft ze in 2005 haar master diploma behaald.
Tijdens deze studieperiode heeft ze zelf een aantal jaren les gegeven aan de muziekschool te Schijndel. Vervolgens is ze hoofdvak panfluit gaan studeren aan het Conservatorium van Amsterdam bij Matthijs Koene, waar dat sinds 2005 weer mogelijk is. Naast lessen van Matthijs Koene wordt ze ook onderwezen door blokfluitisten Jorge Isaac en Paul Leenhouts, die een bron zijn van kennis over electronice, hedendaags en oud repertoire. Inmiddels zit ze in haar vierde studiejaar van deze klassiek georiënteerde opleiding.
Oorspronkelijk concentreerde Nadja zich voornamelijk op wereldmuziek, iets waar de panfluit van oorsprong zeer in thuis is. Op het Conservatorium van Amsterdam werkt ze aan een verbreding van het panfluitrepertoire, door zoveel mogelijk te laten horen dat de mogelijkheden van het instrument veel breder zijn dan wereldmuziek alleen. Er is inmiddels redelijk wat hedendaags repertoire beschikbaar voor het instrument, met veel dank aan Matthijs Koene. In dit genre wacht een gouden toekomst voor de panfluit: de multiculturele samenleving en een groeiende interesse in niet-westerse instrumenten zorgen hiervoor. Bovendien kunnen er door hedendaagse componisten originele werken geschreven worden voor de panfluit, iets waar veel behoefte aan is.
Naast deze mogelijkheden in de hedendaagse muziek heeft Nadja een voorliefde voor oude muziek, waar de klank van het instrument zich wondermooi doet gelden. Warm als de klank van het orgel en flexibel als de menselijke stem kunnen de liederen van Thomas Preston en John Dowland met de panfluit prachtig worden vertolkt.
Inmiddels is Nadja begonnen aan een zoektocht naar eigentijds beginnersrepertoire, waarin de verschillende technieken die op het conservatorium worden uitgediept kunnen worden voorbereid en uitgelegd aan jonge spelers.
Tijdens deze studieperiode heeft ze zelf een aantal jaren les gegeven aan de muziekschool te Schijndel. Vervolgens is ze hoofdvak panfluit gaan studeren aan het Conservatorium van Amsterdam bij Matthijs Koene, waar dat sinds 2005 weer mogelijk is. Naast lessen van Matthijs Koene wordt ze ook onderwezen door blokfluitisten Jorge Isaac en Paul Leenhouts, die een bron zijn van kennis over electronice, hedendaags en oud repertoire. Inmiddels zit ze in haar vierde studiejaar van deze klassiek georiënteerde opleiding.
Oorspronkelijk concentreerde Nadja zich voornamelijk op wereldmuziek, iets waar de panfluit van oorsprong zeer in thuis is. Op het Conservatorium van Amsterdam werkt ze aan een verbreding van het panfluitrepertoire, door zoveel mogelijk te laten horen dat de mogelijkheden van het instrument veel breder zijn dan wereldmuziek alleen. Er is inmiddels redelijk wat hedendaags repertoire beschikbaar voor het instrument, met veel dank aan Matthijs Koene. In dit genre wacht een gouden toekomst voor de panfluit: de multiculturele samenleving en een groeiende interesse in niet-westerse instrumenten zorgen hiervoor. Bovendien kunnen er door hedendaagse componisten originele werken geschreven worden voor de panfluit, iets waar veel behoefte aan is.
Naast deze mogelijkheden in de hedendaagse muziek heeft Nadja een voorliefde voor oude muziek, waar de klank van het instrument zich wondermooi doet gelden. Warm als de klank van het orgel en flexibel als de menselijke stem kunnen de liederen van Thomas Preston en John Dowland met de panfluit prachtig worden vertolkt.
Inmiddels is Nadja begonnen aan een zoektocht naar eigentijds beginnersrepertoire, waarin de verschillende technieken die op het conservatorium worden uitgediept kunnen worden voorbereid en uitgelegd aan jonge spelers.